ECLI:NL:RBROT:2023:5284

Datum uitspraak
02-05-2023
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Rechtsgebied
Strafrecht
Zaaknummer
10/710140-19
Type
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Vrijspraak woninginbraak, niet voldaan aan bewijsminimum.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team straf 2

Parketnummer: 10/710140-19

Datum uitspraak: 2 mei 2023

Tegenspraak (279 Sv)

Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:

[verdachte01] ,

geboren te [geboorteplaats01] op [geboortedatum01],

niet ingeschreven in de basisregistratie personen,

gemachtigd raadsvrouw mr. P.P.E. Buchele, advocaat te Arnhem.

1. Onderzoek op de terechtzitting

Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 2 mei 2023.

2. Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.

3. Eis officier van justitie

De officier van justitie mr. M. Kruit heeft gevorderd:

- vrijspraak van het ten laste gelegde.

4. Waardering van het bewijs

4.1.

Vrijspraak zonder nadere motivering

Met de officier van justitie en de verdediging is de rechtbank van oordeel dat het ten laste gelegde niet wettig en overtuigend is bewezen, zodat de verdachte daarvan zonder nadere motivering zal worden vrijgesproken.

5. Bijlage

De in dit vonnis genoemde bijlage maakt deel uit van dit vonnis.

6. Beslissing

De rechtbank:

verklaart niet bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Dit vonnis is gewezen door mr. drs. K. Th. van Barneveld, voorzitter,

en mrs. W.A.F. Damen en T. Nauta, rechters,

in tegenwoordigheid van mrs. L.C. Suiker en T. van Driel, griffiers,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting op de datum die in de kop van dit vonnis is vermeld.

Bijlage I

Tekst tenlastelegging

Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat

hij

op of omstreeks 08 maart 2019

te [plaats01]

in/uit een woning/pand gelegen aan [adres01]

tezamen en in vereniging niet een ander of anderen, althans alleen,

met het oogmerk van wederrechtelijke toeëgening heeft weggenomen

een geldbedrag van 500 euro of daaromtrent, althans een hoeveelheid geld,

en/of een mobiele telefoon en/of een laptop en/of sleutels en/of 10—kaarten en

of sigaretten, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan

[naam01] en/of [naam02] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan

verdachte en/of zijn mededader(s),

welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld

en/of bedreiging met geweld tegen die [naam01] en/of die [naam02] , gepleegd met

het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of

om hij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan (een) andere

deelnemer(s) van voormeld misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij

hat bezit van het gestolene te verzekeren,

welk geweld en/of welke bedreiging met geweld bestond(en) uit het

- meermalen, althans eenmaal, (telkens) slaan en/of stompen in het gezicht

en/of op/teger het lichaam van die [naam01] en/of die [naam02] , en/of

- zwaaien van een bijl en/of een fietspomp, althans (een) voorwerp(en) naar/in de richting van die [naam01] en/of die [naam02] , en/of

- toevoegen aan die [naam01] en/ei die [naam02] van dc woorden: “Geef geld” en/of

“We willen geld” althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking.

Tekst: Rechtspraak.nl (gepseudonimiseerd). Links naar wetsartikelen en uitspraken zijn toegevoegd door wetboek.org. Origineel op uitspraken.rechtspraak.nl »