ECLI:NL:RBMNE:2026:2363
Inhoudsindicatie
Nu eiser geen concrete beroepsgronden heeft ingediend, heeft de rechtbank geen aanknopingspunten om te twijfelen aan de juistheid van de door de heffingsambtenaar vastgestelde waardes. Het beroep is kennelijk ongegrond. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Bovenstaande samenvatting komt van Rechtspraak.nl. Voor de volledige tekst van de uitspraak: uitspraken.rechtspraak.nl »
Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald
- Art. 8:54 Awb Algemene Wet Bestuursrecht
Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen
- ECLI:NL:RBDHA:2026:14847 — 03-06-2026 Rb. Den Haag Bestuursrecht
Dublin, Kroatië, 8:54 Awb, kennelijk ongegrond - ECLI:NL:RBDHA:2026:14849 — 03-06-2026 Rb. Den Haag Bestuursrecht
Dublin, Spanje, 8:54 Awb, AIDA-rapport update 2024, kennelijk ongegrond - ECLI:NL:RBDHA:2026:14713 — 02-06-2026 Rb. Den Haag Bestuursrecht
Dublin, Oostenrijk, 8:54 Awb, kennelijk ongegrond - ECLI:NL:RBDHA:2026:14691 — 02-06-2026 Rb. Den Haag Bestuursrecht
Dublin, Zwitserland, 8:54 Awb, kennelijk ongegrond - ECLI:NL:RBDHA:2026:14679 — 02-06-2026 Rb. Den Haag Bestuursrecht
Dublin, Zwitserland, 8:54 Awb, zienswijze herhaald in ingelast, interstatelijk vertrouwensbeginsel, beroep kennelijk ongegrond.