beschikking
RECHTBANK GELDERLAND
Team kanton en handelsrecht
Zittingsplaats Arnhem
zaakgegevens 10588771 \ AZ VERZ 23-36 \ 520 \ 40141
uitspraak van 10 juli 2023
beschikking dagvaarding verkorte termijn
gezien het verzoek van
1 [verzoeker sub 1]
2. [verzoeker sub 2]
beide wonende te [woonplaats]
verzoekende partijen, hierna samen te noemen: [verzoekers c.s.]
gemachtigde mr. M. van Lith
tot het krijgen van verlof om [naam X] wonende te [woonplaats], te dagvaarden op verkorte termijn voor de rechtbank Gelderland, team kanton en handelsrecht, locatie Arnhem.
1 De procedure
Op 30 juni 2023 is op de griffie een verzoekschrift ontvangen van [verzoekers c.s.].
2 Het verzoek
[verzoekers c.s.] heeft verzocht om [naam X] (hierna: [naam X]) te mogen dagvaarden op een verkorte termijn (art. 117 Rv). Volgens [verzoekers c.s.] heeft de deurwaarder bij controle van de Basisregistratie Personen geconstateerd dat [naam X] niet (meer) staat ingeschreven op het adres van het gehuurde en evenmin op een ander adres in Nederland. [naam X] verblijft feitelijk op een ander adres, maar staat niet op dat adres ingeschreven. Omdat, aldus [verzoekers c.s.], de dagvaardingstermijn dus ten minste drie maanden is (art. 115 lid 2 Rv), is het verzoek om deze termijn (zo veel mogelijk) gelijk te stellen met de gewone termijn van
3 De beoordeling
Op grond van artikel 115 lid 2 Rv is de termijn van dagvaarding ten minste drie maanden, indien de gedaagde noch in Nederland, noch in een Staat als bedoeld in het eerste lid, een bekende woonplaats of bekend werkelijk verblijf heeft.
Nu in het verzoekschrift kan worden opgemaakt dat het werkelijk verblijf van [naam X] bekend is (“... verblijft feitelijk op een ander adres”), is voormeld artikel niet van toepassing. Het verzochte wordt dan ook afgewezen.
Ten overvloede wordt nog opgemerkt dat in zaken betreffende huur van woonruimte de rechter bevoegd is binnen wiens rechtsgebied het gehuurde is gelegen (art. 103 Rv). naar
4 De beslissing
De kantonrechter,
wijst het verzoek af.
|
Deze beschikking is gegeven door de kantonrechter mr. E. Horsthuis en in het openbaar uitgesproken op 10 juli 2023. |
||