Rechtbank DEN HAAG
Meervoudige kamer jeugdstrafzaken
Parketnummer: 09-304935-25
Datum uitspraak: 24 september 2026
Tegenspraak
Vonnis van de rechtbank Den Haag in de zaak tegen de verdachte:
[verdachte] (hierna: de verdachte),
geboren op [geboortedatum 1] 2009 te [geboorteplaats] ,
BRP-adres en verblijfsadres: [adres] .
1 Het onderzoek ter terechtzitting
De strafzaak tegen de verdachte is behandeld op de besloten terechtzittingen van 19 februari 2026 (regie) en 10 september 2026 (inhoudelijke behandeling).
De officier van justitie in deze zaak is mr. P.T. Verweijen en de raadsvrouw van de verdachte is mr. N. Harlequin te Den Haag, waarnemend voor mr. J.Y. Taekema, ook te Den Haag. De verdachte is op de terechtzitting verschenen.
2 De tenlastelegging
De verdenking komt er, kort gezegd, op neer dat de verdachte:
1. op 11 november 2025 in Zoetermeer met een ander airpods, een aansteker, contant geld en/of sigaretten van [aangever 1] heeft gestolen met (bedreiging met) geweld;
2. op 11 november 2025 in Zoetermeer met een ander een poging heeft gedaan om van [aangever 2] goederen te stelen met (bedreiging met) geweld;
3. op 11 november 2025 in Zoetermeer met een ander airpods, een ketting, een powerbank, een oplader, vapes en/of een pinpas van [aangever 3] heeft gestolen met (bedreiging met) geweld;
4. op 11 november 2025 in Zoetermeer met een ander schoenen, een pinpas en/of vapes heeft gestolen van [aangever 4] met (bedreiging met) geweld;
De volledige tekst van de tenlastelegging is als bijlage 1 aan dit vonnis gehecht.
3 De bewijsbeslissing
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat alle vier de ten laste gelegde feiten bewezen kunnen worden.
Het standpunt van de verdediging
De raadsvrouw heeft vrijspraak van de verdachte van alle vier de feiten bepleit. Gevoerde verweren komen voor zover relevant hieronder aan bod.
Vrijspraak – Feit 2
De rechtbank is van oordeel dat het dossier onvoldoende aanknopingspunten bevat om vast te kunnen stellen dat de verdachte een rol heeft gehad van voldoende gewicht bij de poging tot diefstal van aangever [aangever 2] . Het dossier bevat wél een belangrijke contra-indicatie. Aangever [aangever 2] heeft verklaard dat, toen de medeverdachte op hem af kwam, de lange jongen (de verdachte) zei: “Laat hem”. Dit sluit aan bij de verklaring van de verdachte zelf dat hij de medeverdachte probeerde tegen te houden. De rechtbank zal de verdachte daarom vrijspreken van feit 2.
Gebruikte bewijsmiddelen – Feiten 1, 3 en 4
De rechtbank heeft in bijlage 2 de wettige bewijsmiddelen met de voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden opgenomen.
Bewijsoverwegingen – Feiten 1, 3 en 4
Feit 1 – Tezamen in vereniging?
De raadsvrouw heeft zich op het standpunt gesteld dat niet kan worden bewezen dat de verdachte een voldoende nauwe en bewuste samenwerking met zijn medeverdachte had.
De rechtbank stelt het volgende vast. Aangever [aangever 1] heeft verklaard dat hij door twee jongens werd benaderd, waarna één jongen met een bivakmuts (de medeverdachte) neus aan neus met hem kwam staan, terwijl de verdachte op een meter afstand stond. De medeverdachte heeft bij de politie verklaard dat hij de leiding had en dat het zijn plan was. De verdachte heeft zelf verklaard dat hij begrijpt dat het intimiderend overkomt, als je met iemand die een bivakmuts op heeft op iemand afloopt en ernaast gaat staan.
De rechtbank is van oordeel dat de verdachte met zijn handelen een rol van voldoende gewicht heeft gehad om vast te kunnen stellen dat hij het feit ‘tezamen in vereniging’ heeft gepleegd met de medeverdachte. Er was een plan, waarin de medeverdachte de leiding had, maar waarin de verdachte ook een rol speelde. De verdachte heeft verklaard zich ervan bewust te zijn dat zijn aanwezigheid intimiderend was. Met het dichtbij de aangever te gaan en blijven staan, maakte hij de diefstal van aangever [aangever 1] mogelijk. De rechtbank zal dit feit dan ook bewezen verklaren.
Feiten 3 en 4
De raadsvrouw heeft zich op het standpunt gesteld dat de verdachte vrijgesproken moet worden van feiten 3 en 4, omdat de feiten in de kern niet gericht waren op het toe-eigenen van spullen, maar op het vernederen van de aangevers en ze daarom niet als diefstallen bewezen verklaard kunnen worden.
De rechtbank moet de vraag beantwoorden of het oogmerk van de verdachte en zijn medeverdachte gericht was op het zich wedderrechtelijk toe-eigenen van spullen. De rechtbank stelt vast dat de verdachte en zijn medeverdachte spullen van beide aangevers hebben weggenomen. De medeverdachte heeft hierover bij de politie verklaard dat het zijn plan was om mensen te beroven en dat de verdachte daarin meeging. Het doel was om de aangevers te beroven. Op de beelden van het voorval is ook te horen dat de filmer (de verdachte) ‘Feest!’ roept als aangever [aangever 3] zijn ketting toont, waarna die wordt afgepakt. Ook roept de verdachte: ‘jij gaat pinnen!’. Hieruit blijkt naar het oordeel van de rechtbank dat zowel de verdachte als zijn medeverdachte het oogmerk hadden om zich de spullen wederrechtelijk toe te eigenen en zich daarmee schuldig hebben gemaakt aan diefstallen.
De rechtbank zal de verdachte (partieel) vrijspreken van het ‘sorry’ laten zeggen door beide aangevers als onderdeel van de ten laste gelegde gewelds- of met dat geweld dreigen handelingen. Hoewel dit voor de aangevers zeer vernederend moet zijn geweest, is de rechtbank van oordeel dat dit geen handeling was met de strekking de diefstal voor te bereiden, te vergemakkelijken of om de vlucht mogelijk te maken. Uit het dossier komt naar voren dat het sorry laten zeggen van de aangevers voor de verdachten een doel op zich was en het geen verband hield met het stelen van de spullen.
De rechtbank zal de verdachte ook vrijspreken van het samen met de medeverdachte voor en achter de aangevers staan terwijl zij elk een mes in de broeksband hadden, omdat slechts één van de aangevers over de aanwezigheid van twee messen heeft verklaard en voor de aanwezigheid van twee messen (in plaats van één) verder geen steun te vinden is in het dossier. De rechtbank zal de verdachte tot slot vrijspreken van het uittrekken van de schoenen van aangever [aangever 4] , omdat de aangever dit zelf (weliswaar onder druk van de verdachten) heeft gedaan.
Conclusie
De rechtbank is van oordeel dat de onder 1, 3 en 4 ten laste gelegde feiten wettig en overtuigend zijn bewezen, met uitzondering van de hierboven genoemde gedachtestreepjes bij feiten 3 en 4.
De bewezenverklaring
De rechtbank verklaart ten laste van de verdachte bewezen dat:
1
hij op 11 november 2025 te Zoetermeer, tezamen en in vereniging met een ander,
airpods en een aansteker en contant geld en sigaretten, die aan [aangever 1] toebehoorden, heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd voorafgegaan en vergezeld van bedreiging met geweld
tegen die [aangever 1] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken, door
- intimiderend en dreigend te zeggen dat die [aangever 1] naar de verdachten toe moest komen en
- neus aan neus bij die [aangever 1] te staan en
- de jaszakken en broekzakken te doorzoeken en
- de goederen uit de broekzak van die [aangever 1] te halen en
- intimiderend en dreigend te zeggen tegen die [aangever 1] dat die [aangever 1] moest betalen als die [aangever 1] de airpods terug wilde en
- meerdere keren intimiderend en dreigend te vragen aan die [aangever 1] of hij, verdachte, had gezegd dat die [aangever 1] mocht praten;
3
hij op 11 november 2025 te Zoetermeer, tezamen en in vereniging met een ander, airpods en een zilverkleurige ketting en een powerbank en opladers en meerdere vapes en een pinpas, die aan [aangever 3] toebehoorden, heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en gevolgd van geweld en bedreiging met geweld tegen die [aangever 3] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken, en om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf de vlucht mogelijk te maken, door
- te zeggen dat die [aangever 3] mee moest lopen met de verdachten en de verdachten moest volgen en
- naar het mes te wijzen en tegen die [aangever 3] te zeggen "Ik ga je jas en je tas even controleren en kijken wat er allemaal in zit" en
- voornoemde goederen uit de zakken en tas van die [aangever 3] te pakken en
- een mes tegen de keel van die [aangever 3] te zetten en dat mes in de keel van die [aangever 3] te drukken en
- het mes in de bodywarmer van die [aangever 3] te steken en
- het mes meerdere keren langs de wang van die [aangever 3] te halen en
- tegen die [aangever 3] te zeggen "Als je dit tegen ouders, politie of wat dan ook zegt, dan ben je verder van huis" en
- die [aangever 3] meerdere keren in het gezicht te slaan en
- tegen die [aangever 3] te zeggen dat die [aangever 3] op de knieën op de grond moest gaan zitten terwijl een verdachte een mes vasthield en
- door tegen die [aangever 3] te zeggen "Niet omkijken want als we zien dat jullie weg zijn dan hebben jullie een probleem en dan komen we achter jullie aan" en
- die [aangever 3] te filmen;
4
hij op 11 november 2025 te Zoetermeer, tezamen en in vereniging met een ander, een paar schoenen en een pinpas, die aan [aangever 4] toebehoorden, heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en gevolgd van geweld en bedreiging met geweld tegen die [aangever 4] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken, en om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf de vlucht mogelijk te maken, door
- te zeggen dat die [aangever 4] mee moest lopen met de verdachten en de verdachten moest volgen en
- een mes tegen de keel van die [aangever 4] te zetten en
- die [aangever 4] meerdere keren te slaan in het gezicht en
- tegen die [aangever 4] te zeggen dat die [aangever 4] op de knieën op de grond moest gaan zitten terwijl een verdachte een mes vasthield en
- door tegen die [aangever 4] te zeggen "Niet omkijken want als we zien dat jullie weg zijn dan hebben jullie een probleem en dan komen we achter jullie aan" en
- die [aangever 4] te filmen.
Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of typefouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd en gecursiveerd weergegeven, zonder dat de verdachte daardoor in de verdediging is geschaad.
4 De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
Het bewezenverklaarde is volgens de wet strafbaar, omdat er geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten.
5 De strafbaarheid van de verdachte
De verdachte is strafbaar, omdat er geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die zijn strafbaarheid uitsluiten.
6 De op te leggen straffen
De vordering van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte wordt veroordeeld tot een jeugddetentie voor de duur van 120 dagen, met aftrek van de tijd in voorarrest (55 dagen) doorgebracht. De officier van justitie heeft gevorderd een gedeelte van 65 dagen voorwaardelijk op te leggen met een proeftijd van twee jaren en de bijzondere voorwaarden zoals zij door de Raad voor de Kinderbescherming (de Raad) zijn geadviseerd. De officier van justitie heeft daarnaast een werkstraf van 60 uren (te vervangen door 30 dagen jeugddetentie) gevorderd en gevraagd om de bijzondere voorwaarden dadelijk uitvoerbaar te verklaren.
Het standpunt van de verdediging
De raadsvrouw heeft (subsidiair) bepleit dat aan de verdachte maximaal een jeugddetentie moet worden opgelegd gelijk aan de tijd die hij in voorarrest heeft doorgebracht.
Het oordeel van de rechtbank
De rechtbank houdt bij de strafoplegging rekening met de ernst van de gepleegde feiten, de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals daarvan uit de rapportages en tijdens het onderzoek op de terechtzitting is gebleken. De rechtbank neemt hierbij in het bijzonder het volgende in aanmerking.
Ernst van de feiten De verdachte heeft met zijn medeverdachte op één middag drie jongens van zijn leeftijd beroofd van hun spullen. De aangevers zijn hierbij op verschillende manieren geïntimideerd en bedreigd, waardoor zij niet anders konden dan hun zakken en tassen laten legen. De verdachte en zijn medeverdachte hebben daarnaast aangevers [aangever 3] en [aangever 4] op agressieve wijze geslagen en gedwongen om elkaar te slaan, terwijl zij gefilmd werden. Hierbij heeft de medeverdachte een mes op de keel van [aangever 3] en [aangever 4] gezet. Dit is extreem gevaarlijk en had heel anders af kunnen lopen voor de aangevers. Op de gemaakte beelden is pijnlijk zichtbaar hoe beangstigend dit hele voorval voor de aangevers moet zijn geweest. De rechtbank neemt het de verdachte kwalijk dat hij geen enkel respect heeft getoond voor de aangevers. Dat dit soort feiten (straatroven met wapens) door minderjarige verdachten worden gepleegd en dat daar ook nog beeldmateriaal van wordt gemaakt (en mogelijk verspreid), levert ook in de maatschappij gevoelens van onveiligheid op.
Strafblad
De rechtbank heeft kennisgenomen van het strafblad van de verdachte van 24 februari 2026. Hieruit blijkt dat de verdachte niet eerder voor een strafbaar feit is veroordeeld.
Persoon van de verdachte
De rechtbank heeft kennisgenomen van de rapporten van de Raad van 13 en 18 februari 2026, de brief van 7 september 2026 en de mondelinge toelichting die daarop door de deskundige ter zitting is gegeven. Daaruit volgt – kort samengevat – dat het recidiverisico uitkomt op laag tot midden, maar dat er wel risicofactoren zijn, gelegen in de vriendenkeuze van de verdachte en zijn vrijetijdsbesteding. De Raad adviseert om aan de verdachte een (deels voorwaardelijke) jeugddetentie op te leggen onder bijzondere voorwaarden (meldplicht, contactverbod met slachtoffers en medeverdachte, verplichting een zinvolle dagbesteding te hebben, verplichte behandeling van de Waag, coaching van E25 en zich inzetten voor een positieve vrijetijdsbesteding). De Raad adviseert om de voorwaarden dadelijk uitvoerbaar te verklaren, ook vanwege de aanstaande verhuizing van de verdachte en de toename in risico’s die daarmee gepaard gaat.
De rechtbank heeft kennisgenomen van het rapport van Jeugdbescherming west van 22 juli 2026 en de toelichting die daarop ter zitting is gegeven. Daaruit volgt dat de verdachte zich goed houdt aan de schorsende voorwaarden, meewerkt met de coach en aangemeld is voor behandeling bij de Waag. Vanwege de verhuizing van zijn gezin wordt de begeleiding binnenkort overgedragen aan Jeugdbescherming Gelderland.
Strafmodaliteit en strafmaat De rechtbank heeft, naast het hiervoor genoemde, ook gekeken naar straffen die in soortgelijke zaken zijn opgelegd en de LOVS-oriëntatiepunten voor de straftoemeting voor minderjarigen. Daarin is als uitgangspunt vermeld dat voor een straatroof 60 uren werkstraf wordt opgelegd. Vanwege het aantal en de ernst van de door verdachte gepleegde feiten vindt de rechtbank in dit geval geen andere reactie passend dan een (deels voorwaardelijke) jeugddetentie. Omdat de verdachte recent een positieve ontwikkeling doormaakt en er veel begeleiding voor hem betrokken is, vindt de rechtbank het niet wenselijk dat hij nu opnieuw naar de jeugdgevangenis gaat.
De weging van de hiervoor besproken omstandigheden leidt ertoe dat de rechtbank de verdachte een jeugddetentie zal opleggen voor dezelfde duur als de tijd die de verdachte al in voorarrest heeft doorgebracht (55 dagen) met daarnaast een voorwaardelijk deel (65 dagen), en daaraan de bijzondere voorwaarden verbinden zoals die door de Raad zijn geadviseerd. Daarnaast zal de rechtbank een werkstraf opleggen van 60 uren, te vervangen door 30 dagen jeugddetentie, zodat de verdachte ook nu nog consequenties ervaart van zijn handelen.
Dadelijke uitvoerbaarheid De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan misdrijven die gevaar veroorzaken voor de onaantastbaarheid van het lichaam van personen, namelijk diefstallen met geweld. Gelet op de ernst van de feiten en de rapportages van de Raad en de jeugdreclassering, is de rechtbank van oordeel dat er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat de verdachte wederom een dergelijk misdrijf zal begaan. Hoewel de Raad het recidiverisico als laag tot midden inschat, moet er wel ernstig rekening gehouden worden met de kans dat de verdachte opnieuw strafbare feiten pleegt. De verdachte heeft zich tot nu toe goed gehouden aan zijn schorsingsvoorwaarden, maar hij gaat binnenkort verhuizen naar een andere regio, waar hulpverlening deels opnieuw zal moeten worden opgestart. Naar het oordeel van de deskundigen brengt dit een extra risico met zich mee. Daarom zal de rechtbank bevelen dat de hierna op grond van artikel 77z van het Wetboek van Strafrecht te stellen voorwaarden en het op grond van artikel 77aa van dit wetboek uit te oefenen toezicht, dadelijk uitvoerbaar zijn. Dit betekent dat de voorwaarden direct gelden, ook als de verdachte in hoger beroep gaat.
7 De in beslag genomen voorwerpen
De officier van justitie heeft ter zitting gevraagd of de verdachte afstand doet van het op de beslaglijst onder 2 genummerde voorwerp (een Apple telefoon). De verdachte heeft daarvan ter zitting afstand gedaan. Van het onder 3 genummerde voorwerp (een telefoon) is inmiddels door de medeverdachte afstand gedaan. De rechtbank hoeft daarom alleen nog een beslissing te nemen over het onder 1 genummerde voorwerp (een grijze Apple telefoon).
De vordering van de officier van justitie
De officier van justitie vordert dat het op de beslaglijst onder 1 genummerde voorwerp zal worden teruggegeven aan de rechthebbende.
Het standpunt van de verdediging
De raadsvrouw heeft geen standpunt ingenomen over het in beslag genomen voorwerp.
Het oordeel van de rechtbank
Nu het belang van de strafvordering zich daartegen niet meer verzet, zal de rechtbank de teruggave aan de rechthebbende gelasten van het op de beslaglijst onder 1 genummerde voorwerp.
8 De toepasselijke wetsartikelen
De op te leggen straffen zijn gegrond op de artikelen:
77a, 77g, 77i, 77m, 77n, 77x, 77y, 77z, 77aa, 77gg en 312 van het Wetboek van Strafrecht.
Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij ten tijde van het bewezenverklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van deze uitspraak rechtens gelden.
9 De beslissing
De rechtbank:
vrijspraak
verklaart niet wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 2 ten laste gelegde heeft begaan en spreekt hem daarvan vrij;
bewezenverklaring
verklaart wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte de onder 1, 3 en 4 ten laste gelegde feiten heeft begaan, zoals hierboven in paragraaf 3.6 bewezen is verklaard en kwalificeert dit als:
feit 1:
diefstal voorafgegaan en vergezeld van bedreiging met geweld, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen;
feit 3:
diefstal voorafgegaan, vergezeld en gevolgd van geweld en bedreiging met geweld, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken en om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf de vlucht mogelijk te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen;
feit 4:
diefstal voorafgegaan, vergezeld en gevolgd van geweld en bedreiging met geweld, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken en om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf de vlucht mogelijk te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen;
verklaart niet wettig en overtuigend bewezen wat aan de verdachte meer of anders is tenlastegelegd en spreekt hem daarvan vrij;
verklaart het bewezenverklaarde en de verdachte daarvoor strafbaar;
straffen
veroordeelt de verdachte tot:
een jeugddetentie voor de duur van 120 DAGEN;
beveelt dat de tijd, door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht (55 dagen), bij de tenuitvoerlegging van het onvoorwaardelijk gedeelte van deze jeugddetentie geheel in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht;
bepaalt dat een gedeelte van deze jeugddetentie, 65 DAGEN, niet ten uitvoer zal worden gelegd als de veroordeelde zich voor het einde van de hierbij op twee jaren vastgestelde proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
en onder de bijzondere voorwaarden dat de veroordeelde:
1. zich gedurende de proeftijd meldt bij Jeugdbescherming Gelderland, locatie Nijmegen, op door de jeugdreclassering te bepalen tijdstippen, zo vaak en zo lang de jeugdreclassering dat noodzakelijk acht;
2. gedurende de proeftijd op geen enkele wijze – direct of indirect en ook niet via sociale media – contact zal opnemen, zoeken of hebben met:
De aangevers:
- [aangever 1] , geboren op [geboortedatum 2] 2009;
- [aangever 2] , geboren op [geboortedatum 3] 2008;
- [aangever 3] , geboren op [geboortedatum 4] 2010;
- [aangever 4] , geboren op [geboortedatum 5] 2008;
De medeverdachte:
- [medeverdachte] , geboren op [geboortedatum 6] 2010;
3. zich gedurende de proeftijd onder behandeling stelt van de Waag of een soortgelijke instelling, op de tijden en plaatsen als door of namens die instelling aan te geven;
4. gedurende de proeftijd meewerkt aan de begeleiding door een coach van E25 of een soortgelijke instelling, en zich houdt aan de afspraken die daarbij met hem worden gemaakt;
5. gedurende de proeftijd een zinvolle en door de jeugdreclassering goedgekeurde dagbesteding heeft;
6. zich gedurende de proeftijd inzet voor het verkrijgen en behouden van een positieve vrijetijdsbesteding;
geeft opdracht aan Jeugdbescherming Gelderland, locatie Nijmegen, een gecertificeerde instelling die jeugdreclassering uitvoert om toezicht te houden op de naleving van voormelde voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden;
voorwaarden daarbij zijn dat de veroordeelde gedurende de proeftijd:
- ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking zal verlenen
aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld
in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;
- zijn medewerking zal verlenen aan het door de jeugdreclassering te houden
toezicht, bedoeld in artikel 77aa, eerste tot en met het vierde lid, van het Wetboek
van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de
jeugdreclassering, zo vaak en zo lang als de jeugdreclassering dit noodzakelijk acht,
daaronder begrepen.
beveelt dat de bovengenoemde voorwaarden en het – op grond van artikel 77aa van het Wetboek van Strafrecht – uit te oefenen toezicht, dadelijk uitvoerbaar zijn;
veroordeelt de verdachte daarnaast tot:
een taakstraf, bestaande uit een werkstraf, zijnde het verrichten van onbetaalde arbeid, voor de duur van 60 UREN;
beveelt, voor het geval dat de veroordeelde de taakstraf niet naar behoren verricht, dat vervangende jeugddetentie zal worden toegepast voor de duur van 30 DAGEN;
de in beslag genomen goederen
gelast de teruggave aan de rechthebbende van het op de beslaglijst onder 1 genummerde voorwerp, te weten:
1 STK Telefoonautomaat, merk: Apple, voorwerpnummer 3415766;
het bevel tot voorlopige hechtenis
heft op het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis van de veroordeelde.
Dit vonnis is gewezen door:
mr. M.J. Bouwman, kinderrechter, voorzitter,
mr. M.H. Rochat, kinderrechter,
en mr. T.P. Sarneel, kinderrechter,
in tegenwoordigheid van mr. L.T. Verlinde, griffier,
en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 24 september 2026.
Bijlage 1
Tekst tenlastelegging
Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat
hij op of omstreeks 11 november 2025 te Zoetermeer, althans in Nederland,
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
airpods en/of een aansteker en/of contant geld en/of sigaretten, in elk geval enig
goed, dat/die geheel of ten dele aan [aangever 1] , in elk geval aan een ander
dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft weggenomen met
het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd
voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld
tegen die [aangever 1] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden of
gemakkelijk te maken, of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere
deelnemers aan het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van
het gestolene te verzekeren, door
- ( intimiderend en/of dreigend) te zeggen dat die [aangever 1] naar de verdachten
toe moest komen en/of
- neus aan neus bij, althans dichtbij, die [aangever 1] te staan en/of
- de jaszakken en/of broekzakken te doorzoeken en/of
- de goederen uit de broekzak van die [aangever 1] halen en/of
- ( intimiderend en/of dreigend) te zeggen tegen die [aangever 1] dat die [aangever 1]
moest betalen als die [aangever 1] de airpods terug wilde en/of
- één of meerdere keren (intimiderend en/of dreigend) te vragen aan die [aangever 1]
of hij, verdachte, had gezegd dat die [aangever 1] mocht praten;
2
hij op of omstreeks 11 november 2025 te Zoetermeer, althans in Nederland
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s) voorgenomen
misdrijf om één of meerdere goederen, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten
dele aan [aangever 2] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn
mededader(s) toebehoorde(n) weg te nemen met het oogmerk om het zich
wederrechtelijk toe te eigenen
en deze poging diefstal te doen voorafgaan, te doen vergezellen en/of te doen
volgen van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [aangever 2] , te plegen met het
oogmerk om die voorgenomen diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken, of
om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf en/of andere deelnemer(s) aan het
misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken,
hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren,
- ( dwingend) tegen die [aangever 2] heeft gezegd "KOM" en/of
- die [aangever 2] goederen uit de zakken van die [aangever 2] heeft laten halen en/of
- aan de beenzakken van die [aangever 2] heeft gevoeld en/of de beenzakken heeft
leeggehaald en/of
- in de portemonnee van die [aangever 2] heeft gekeken en/of
- die [aangever 2] (dwingend) heeft gevraagd hoeveel geld [aangever 2] op zijn bankrekening heeft
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
3
hij op of omstreeks 11 november 2025 te Zoetermeer, althans in Nederland,
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
airpods en/of een zilverkleurige ketting en/of een powerbank en/of één of meerdere
opladers en/of één of meerdere vapes en/of een pinpas, in elk geval enig goed,
dat/die geheel of ten dele aan [aangever 3] , in elk geval aan een ander dan aan
verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft weggenomen met het
oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd
voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld
tegen die [aangever 3] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden of
gemakkelijk te maken, of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere
deelnemers aan het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van
het gestolene te verzekeren, door
- samen met de medeverdachte voor en/of achter die [aangever 3] te staan terwijl de
verdachten elk een mes in hun broeksband hadden zitten en/of
- te zeggen dat die [aangever 3] mee moest lopen met de verdachten en/of de
verdachten moest volgen en/of
- naar de mes te wijzen en/of tegen die [aangever 3] te zeggen "Ik ga je jas en je tas
even controleren en kijken wat er allemaal in zit" en/of
- voornoemde goederen uit de zakken en/of tas van die [aangever 3] te pakken en/of
- een mes tegen de keel van die [aangever 3] te zetten en/of dat mes in de keel van die
[aangever 3] te drukken en/of
- het mes in de jas/bodywarmer van die [aangever 3] te steken en/of
- het mes één of meerdere keren langs de wang van die [aangever 3] te halen en/of
- tegen die [aangever 3] te zeggen "Je moet in de camera zeggen: Sorry koning baas
[naam 1] (fonetisch) en Sorry koning baas [naam 2] (fonetisch)"
- tegen die [aangever 3] te zeggen "Als je dit tegen ouders, politie of wat dan ook zegt,
dan ben je verder van huis" en/of
- die [aangever 3] één of meerdere keren met gebalde vuist en/of vlakke hand in het
gezicht te slaan en/of
- tegen die [aangever 3] te zeggen dat die [aangever 3] op de knieën op de grond moest
gaan zitten terwijl de verdachten elk een mes vasthielden en/of
- door tegen die [aangever 3] te zeggen "Niet omkijken want als we zien dat jullie weg
zijn dan hebben jullie een probleem en dan komen we achter jullie aan"
- die [aangever 3] te filmen;
4
hij op of omstreeks 11 november 2025 te Zoetermeer, althans in Nederland
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
een paar schoenen en/of een pinpas en/of vapes, in elk geval enig goed, dat/die
geheel of ten dele aan [aangever 4] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of
zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich
wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd voorafgegaan, vergezeld
en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [aangever 4] , gepleegd met
het oogmerk om die diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken, of om, bij
betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf hetzij
de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, door
- samen met de medeverdachte voor en/of achter die [aangever 4] te staan terwijl de
verdachten elk een mes in hun broeksband hadden zitten en/of
- te zeggen dat die [aangever 4] mee moest lopen met de verdachten en/of de verdachten
moest volgen en/of
- een mes tegen de keel van die [aangever 4] te zetten en/of
- die [aangever 4] één of meerdere keren te slaan in het gezicht en/of
- tegen die [aangever 4] te zeggen dat die [aangever 4] op de knieën op de grond moest gaan zitten
terwijl de verdachten elk een mes vasthielden en/of
- door tegen die [aangever 4] te zeggen dat die [aangever 4] één of meerdere keren "Sorry koning
baas" moest zeggen en/of
- door tegen die [aangever 4] te zeggen "Niet omkijken want als we zien dat jullie weg zijn
dan hebben jullie een probleem en dan komen we achter jullie aan" en/of
- de schoenen van die [aangever 4] uit te trekken en/of
- die [aangever 4] te filmen;