ECLI:NL:RBDHA:2026:27648

Datum uitspraak
25-09-2026
Instantie
Rechtbank Den Haag
Rechtsgebied
Civiel recht; Arbeidsrecht
Zaaknummer
12250981 RP VERZ 26-50678
Type
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Arbeidszaak. Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens detentie werknemer (h-grond).

Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG

Zittingsplaats Den Haag

NAV/b

Zaaknr.: 12250981 RP VERZ 26-50678

25 september 2026

Beschikking van de kantonrechter in de zaak van:

de besloten vennootschap GROWERS UNITED MAASDIJK B.V.,

gevestigd en kantoorhoudende te Maasdijk, gemeente Westland,

verzoekende partij,

hierna te noemen: Growers United,

gemachtigde: mr. D.J. Bosboom (EBH Legal),

tegen

[verwerende partij],

laatst bekende adres te [plaats], gemeente [gemeente],

doch feitelijk verblijvende te [verblijfplaats] ([land]),

verwerende partij,

hierna te noemen: [verwerende partij],

niet verschenen.

1 De procedure

1.1.

De kantonrechter heeft kennis genomen van het verzoekschrift (met producties), op de griffie ontvangen op 29 mei 2026.

1.2.

Op vrijdag 10 juli 2026 heeft een mondelinge behandeling plaatsgevonden, waarbij zijn verschenen: [naam 1] en [naam 2] namens Growers United, bijgestaan door de

gemachtigde. [verwerende partij] is niet verschenen. Op vrijdag 11 september 2026 heeft de voortzetting van de mondelinge behandeling plaatsgevonden, waarbij zijn verschenen: [naam 1]

namens Growers United, bijgestaan door de gemachtigde. [verwerende partij] is niet verschenen. Van het verhandelde op de zittingen zijn door de griffier zakelijke aantekeningen gemaakt, die zich in het griffiedossier bevinden. Op 3 september 2026, voorafgaande aan de voortzetting van de mondelinge behandeling, heeft Growers United betekeningsstukken overgelegd. Uit die stukken blijkt dat [verwerende partij] bij deurwaardersexploot is opgeroepen voor de voortzetting van de mondelinge behandeling.

2 De feiten

2.1.

[verwerende partij], geboren op [geboortedatum] 1984, is sinds [datum] 2022 in dienst bij Growers United, (laatstelijk) in de functie van storings- en onderhoudsmonteur tegen een salaris van € 3.512,60 bruto per maand.

2.2.

[verwerende partij] is sinds 9 september 2024 niet meer op het werk verschenen. Vanaf dat moment heeft Growers United de salarisbetaling aan [verwerende partij] stopgezet.

2.3.

[verwerende partij] zit op dit moment gedetineerd in [verblijfplaats] ([land]).

3 Het geschil

3.1.

Growers United verzoekt de arbeidsovereenkomst met [verwerende partij] te ontbinden, (primair) vanwege andere omstandigheden die zodanig zijn dat van Growers United redelijkerwijs niet kan worden gevergd dat zij de arbeidsovereenkomst laat voortduren (h-grond) en (subsidiair) ernstig verwijtbaar handelen van [verwerende partij] (e-grond), en daarbij de einddatum per datum van de beschikking vast te stellen.

3.2.

Growers United heeft aan haar verzoek ten grondslag gelegd – kort samengevat – dat de voortdurende en langdurige detentie van [verwerende partij] een omstandigheid oplevert waardoor van Growers United in redelijkheid niet langer gevergd kan worden de arbeidsovereenkomst met [verwerende partij] te laten voortduren. Er is geen sprake van een opzegverbod en gezien de ontslaggrond is herplaatsing niet aan de orde. [verwerende partij] handelt ernstig verwijtbaar. Growers United verzoekt daarom om de arbeidsovereenkomst per datum van de beschikking te ontbinden.

3.3.

[verwerende partij] heeft geen verweer gevoerd.

4 De beoordeling

4.1.

Een arbeidsovereenkomst kan alleen worden ontbonden als daar een redelijke grond voor is. In artikel 7:669 lid 3 van het Burgerlijk Wetboek (BW) staat nader omschreven wat onder een redelijke grond moet worden verstaan. Verder is op grond van artikel 7:669 lid 1 BW voor ontbinding vereist dat herplaatsing van de werknemer binnen een redelijke termijn niet mogelijk is of niet in de rede ligt.

4.2.

Naar het oordeel van de kantonrechter is in dit geval sprake van een redelijke grond voor ontbinding van de arbeidsovereenkomst tussen partijen. Daartoe wordt het volgende overwogen.

4.3.

De zogeheten h-grond geldt als een ‘vangnetbepaling’ voor omstandigheden die niet vallen onder de andere ontslaggronden, maar die wel van dien aard zijn dat van de werkgever in redelijkheid niet kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren. In de parlementaire geschiedenis wordt  onder meer  detentie als voorbeeld genoemd (Kamerstukken II 2013/14, 33818, nr. 3, p. 46).

4.4.

Growers United heeft onweersproken gesteld dat [verwerende partij] sinds 9 september 2024 geen werkzaamheden meer voor haar heeft verricht en al langere tijd in het buitenland gedetineerd zit. Gelet hierop is sprake van omstandigheden die zodanig zijn dat van Growers United niet kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren. Niet gebleken is dat sprake is van een opzegverbod. Verder heeft Growers United onweersproken gesteld dat [verwerende partij] niet kan worden herplaatst. Dit betekent dat de arbeidsovereenkomst op de (primair verzochte) h-grond wordt ontbonden.

4.5.

Growers United heeft verzocht in afwijking van artikel 7:671b lid 9 onder a BW en overeenkomstig artikel 7:671b lid 9 onder b BW het einde van de arbeidsovereenkomst met [verwerende partij] te bepalen op een eerder tijdstip dan het moment waarop deze bij opzegging zou zijn geëindigd. Omdat er sprake is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van [verwerende partij], zal de kantonrechter de arbeidsovereenkomst met toepassing van artikel 7:671b lid 9 onder b BW ontbinden met ingang van 25 september 2026.

4.6.

[verwerende partij] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Growers United worden begroot op:

- betekeningskosten

€

412,80

- griffierecht

€

139,00

- salaris gemachtigde

€

577,00

- nakosten

€

108,50

(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)

Totaal

€

1.237,30

5 De beslissing

De kantonrechter:

5.1.

ontbindt de arbeidsovereenkomst tussen partijen met ingang van 25 september 2026;

5.2.

veroordeelt [verwerende partij] in de proceskosten van € 1.237,30, te betalen binnen veertien (14) dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [verwerende partij] niet tijdig aan de proceskostenveroordeling voldoet en de beschikking daarna wordt betekend;

5.3.

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. C.W.D. Bom, kantonrechter, en op 25 september 2026 in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.

Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen

Tekst: Rechtspraak.nl (gepseudonimiseerd). Links naar wetsartikelen en uitspraken zijn toegevoegd door wetboek.org. Origineel op uitspraken.rechtspraak.nl »