ECLI:NL:RBDHA:2023:21324

Datum uitspraak
14-12-2023
Instantie
Rechtbank Den Haag
Rechtsgebied
Bestuursrecht; Bestuursprocesrecht
Zaaknummer
AWB 23/07204
Type
Uitspraak

Inhoudsindicatie

PKV (8:75a Awb). Beroep 6:2 verblijfsvergunning regulier. Verweerder bericht eiser dat hij van plan is het verblijfsdocument te verstrekken en informeert eiser over de details. Vooraankondiging is dus een besluit op de aanvraag.

Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Amsterdam

Bestuursrecht

zaaknummer: AWB 23/07204

uitspraak van de enkelvoudige kamer voor vreemdelingenzaken in de zaak tussen

[eiser] , V-nr. [nummer] , geboren op [geboortedatum] 1980 , van Nigeriaanse nationaliteit, eiser,

(gemachtigde: mr. F.L. Spoek),

en

de staatsecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.

Procesverloop

De rechtbank heeft op 30 juni 2023 een beroepschrift ontvangen gericht tegen het niet tijdig nemen van een besluit op de aanvraag van eiser om een verblijfsvergunning regulier van

31 januari 2023.

Op 28 augustus 2023 heeft eiser het beroep ingetrokken en verzocht om verweerder te veroordelen in de proceskosten.

Overwegingen

1. Eiser heeft bij de intrekking van het beroep verzocht om vergoeding van de proceskosten, bestaande uit de forfaitaire vergoeding in beroep.1 De rechtbank sluit het onderzoek en zal uitspraak doen buiten zitting. Het verzoek is kennelijk gegrond.2

Beoordeling

Besluitvraag

2. De rechtbank ziet zich voor de vraag gesteld of verweerder aan het beroep van eiser is tegemoetgekomen. Eiser heeft het beroep ingetrokken, onder meer naar aanleiding van een brief van verweerder van 21 augustus 2023, waarin verweerder eiser bericht van plan te zijn om hem het gevraagde verblijfsdocument te verstrekken. Verweerder heeft in deze brief nadrukkelijk vermeld dat tegen het schrijven geen bezwaar kan worden gemaakt. Pas nadat het verblijfsdocument aan eiser is uitgereikt kan bezwaar worden gemaakt tegen het besluit.

3. Eiser heeft een verblijfsvergunning regulier aangevraagd. Verweerder heeft eiser in reactie op die aanvraag bericht dat hem het verblijfsdocument wordt verstrekt en hem daarbij over de geldigheidsduur, de beperking en aantekeningen geïnformeerd. Tot voor kort was het gebruikelijk dat dezelfde informatie in een besluit werd vastgelegd. Tegen een besluit kan een rechtsmiddel worden aangewend. De inhoud van een besluit is, anders dan die van een vooraankondiging, van belang voor de vraag of aan een ingesteld rechtsmiddel is tegemoetgekomen.3 Verweerder kan met de aankondiging van plan te zijn het in dat schrijven genoemde besluit te nemen de procedure niet (onnodig) verlengen. Uit verweerders brief blijkt niet dat eiser nog aan een voorwaarde moet voldoen waardoor alsnog op de verstrekking wordt teruggekomen. De rechtbank is daarom van oordeel dat verweerders schrijven van 21 augustus 2023 als een besluit moet worden aangemerkt.

Is tegemoetgekomen?

4. De rechtbank stelt vast dat tegen het uitblijven van een beslissing op de aanvraag namens eiser een beroepschrift is ingediend. Bij besluit van 21 augustus 2023 heeft verweerder op het verzoek beslist, bij besluit van 21 augustus 2023 heeft verweerder beslist over het verschuldigd zijn van de dwangsom.4 De rechtbank stelt tevens vast dat eiser het beroep heeft ingetrokken omdat verweerder aan eiser is tegemoetgekomen. Verweerder heeft de in verband met de intrekking van het beroep gemaakte aanspraak op proceskosten niet bestreden. De rechtbank ziet dan ook aanleiding om verweerder te veroordelen in de kosten die eiser in verband met de behandeling van het beroep redelijkerwijs heeft moeten maken. De hoogte wordt forfaitair vastgesteld op € 418,50 als kosten van verleende rechtsbijstand.5

5. Verweerder dient aan eiser het betaalde griffierecht van € 184,- te vergoeden.6

Beslissing

De rechtbank veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 418,50.

Deze uitspraak is gedaan door mr. B.C. Langendoen, rechter, in aanwezigheid van

M.P. Osinga Sanders, de griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op

14 december 2023

griffier rechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Bent u het niet eens met deze uitspraak, dan kunt u een verzetschrift opsturen naar deze rechtbank. U kunt een verzetschrift opsturen binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. In het verzetschrift kunt u vragen om te worden gehoord. In dat geval vindt alsnog een zitting plaats.

Coll: M.P.O.

D: B

Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen

Tekst: Rechtspraak.nl (gepseudonimiseerd). Links naar wetsartikelen en uitspraken zijn toegevoegd door wetboek.org. Origineel op uitspraken.rechtspraak.nl »