RECHTBANK Amsterdam
Civiel recht, voorzieningenrechter
Zaaknummer: C/13/792354 / KG ZA 26-726 MK/EV
Vonnis in kort geding van 28 augustus 2026
in de zaak van
WONINGSTICHTING EIGEN HAARD,
te Amsterdam,
eisende partij bij dagvaarding van 19 augustus 2026,
advocaat: mr. M.G. Blokziel,
tegen
[gedaagde] ,
te [woonplaats],
gedaagde partij,
niet verschenen.
1 De procedure
Op de mondelinge behandeling van 28 augustus 2026 zijn namens eiseres verschenen [naam 1] ([functie 1]) en [naam 2] ([functie 2]) met mr. Blokziel. Gedaagde is niet verschenen. Tegen hem is verstek verleend. Mr. Blokziel heeft de dagvaarding en de bijbehorende producties toegelicht, vragen beantwoord en verzocht vonnis te wijzen. Vonnis is bepaald op vandaag.
2 Het geschil
Eiseres vordert, samengevat:
primair
I. gedaagde te veroordelen om de woning aan de [adres] binnen één week na betekening van dit vonnis te ontruimen en ontruimd te houden, desnoods met behulp van de sterke arm van politie en justitie;
II. gedaagde te veroordelen om aan eiseres te betalen de huurachterstand van € 3.628,66, te vermeerderen met de na de dagvaarding vervallen en nog te vervallen huurtermijnen van € 620,41 per maand vanaf 1 augustus 2026 tot de dag van ontruiming, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover;
III. gedaagde te veroordelen in de proceskosten, te vermeerderen met de nakosten en de wettelijke rente daarover;
subsidiair (in het geval de vordering onder I. wordt afgewezen)
IV. gedaagde te veroordelen om aan eiseres en aan door haar ingeschakelde derden, waaronder ETRO Vastgoedzorg, toegang tot de woning en volledige medewerking te verlenen aan de uitvoering van werkzaamheden en de daarvoor benodigde voorbereidingen, op straffe van een dwangsom;
3 De beoordeling
Het gevorderde komt de voorzieningenrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal worden toegewezen op de wijze zoals in de beslissing is vermeld. Het afdwingen van de veroordeling met de sterke arm van politie en justitie wordt afgewezen nu de wet daar al in voorziet (artikelen 557 en 444 Rv). Voor de ontruiming wordt een termijn van twee weken gegeven.
Gedaagde is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van eiseres worden begroot op:
|
- kosten van de dagvaarding |
€ |
153,02 |
|
|
- griffierecht |
€ |
3.083,00 |
|
|
- salaris advocaat |
€ |
760,00 |
|
|
- nakosten |
€ |
189,00 |
(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing) |
|
Totaal |
€ |
4.185,02 |
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.
4 De beslissing
De voorzieningenrechter
veroordeelt gedaagde om de woning aan de [adres] binnen twee weken na betekening van dit vonnis, met alle daarin aanwezige personen en roerende zaken, te ontruimen en ontruimd te houden, en de sleutels aan eiseres ter beschikking te stellen,
veroordeelt gedaagde om aan eiseres, tegen behoorlijk bewijs van kwijting, te betalen de huurachterstand van € 3.628,66, vermeerderd met de na de dagvaarding vervallen en nog te vervallen huurtermijnen van € 620,41 per maand – een gedeelte van een maand te rekenen voor een gehele – vanaf 1 augustus 2026 tot de dag van de ontruiming, vermeerderd met de wettelijke rente over deze bedragen vanaf de dag van het verzuim tot de dag van volledige betaling,
veroordeelt gedaagde in de proceskosten van € 4.185,02, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 98 plus de kosten van betekening als gedaagde niet tijdig aan deze veroordeling voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
veroordeelt gedaagde tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,
wijst het meer of anders gevorderde af.
|
Dit vonnis is gewezen door mr. M.L.S. Kalff, voorzieningenrechter, bijgestaan door mr. E.P.M. Vos, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 28 augustus 2026.1 |
||