ECLI:NL:HR:2024:1120

Datum uitspraak
10-09-2024
Instantie
Hoge Raad
Rechtsgebied
Strafrecht
Zaaknummer
23/03874
Type
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Vergismoord in Amsterdam in 2021. Beschieting van auto waarbij bestuurster (vriendin van beoogd slachtoffer, dat bijrijder was) om het leven is gekomen. Medeplegen (poging) moord (art. 289 Sr), brandstichting in vluchtauto (art. 157.1 Sr), vuurwapenbezit (art. 26.1 WWM) en vernieling en beschadiging van woningen en auto’s (art. 350.1 Sr). 1. Afwijzing verzoek tot sluiting deuren i.v.m. veiligheid van verdachte zodat verdachte kan toelichten waarom hij wisselend heeft verklaard, art. 269 Sv. 2. Bewijsklachten opzet, voorbedachte raad en medeplegen t.a.v. moord op vriendin van beoogd slachtoffer. 3. Strafmotivering (gevangenisstraf van 30 jaren). Kon hof recidive als strafverzwarende omstandigheid in aanmerking nemen, hoewel die niet is tlgd. en door bewijsmiddelen is bewezen? HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 23/02770, 23/02882 en 23/03754.

Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 23/03874

Datum 10 september 2024

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam van 25 september 2023, nummer 23-002018-22, in de strafzaak

tegen

[verdachte] ,

geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1986,

hierna: de verdachte.

1 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft G. Spong, advocaat in Amsterdam, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld.

De advocaat-generaal D.J.C. Aben heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De raadsman van de verdachte heeft daarop schriftelijk gereageerd.

2 Beoordeling van de cassatiemiddelen

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren T. Kooijmans en T.B. Trotman, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 10 september 2024.

Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen

Tekst: Rechtspraak.nl (gepseudonimiseerd). Links naar wetsartikelen en uitspraken zijn toegevoegd door wetboek.org. Origineel op uitspraken.rechtspraak.nl »