ECLI:NL:GHLEE:2000:ZJ0010

Datum uitspraak
12-07-2000
Instantie
Gerechtshof Leeuwarden
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Zaaknummer
WAHV 00-00084
Type
Uitspraak

Inhoudsindicatie

-

Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald

Uitspraak

WAHV 00/00084

12 juli 2000

CJIB 16298700

Gerechtshof te Leeuwarden

Arrest

op het hoger beroep tegen de beslissing

van de kantonrechter te Utrecht

van 27 april 2000

betreffende

[betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene),

wonende te [woonplaats] [land],

voor wie als gemachtigde optreedt R. Graetsch,

advocaat te Kleve (Duitsland).

1. De beslissing van de kantonrechter

De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie in het arrondissement Utrecht niet-ontvankelijk verklaard. De beslissing van de kantonrechter is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

2. Het procesverloop

R. Graetsch heeft, als gemachtigde van de betrokkene, tegen de beslissing van de kantonrechter hoger beroep ingesteld.

De advocaat-generaal heeft een verweerschrift ingediend.

Namens de betrokkene is schriftelijk een nadere toelichting gegeven op het beroep.

De advocaat-generaal is in de gelegenheid gesteld een reactie te geven op de nadere toelichting op het beroep. Van deze gelegenheid is geen gebruik gemaakt.

3. Beoordeling

3.1. Ingevolge het op een procedure ingevolge de WAHV van toepassing zijnde art. 6:17 Awb worden, indien iemand zich laat vertegenwoordigen, de op de zaak betrekking hebbende stukken in ieder geval aan de gemachtigde gezonden.

3.2. Het beroepschrift bij het kantongerecht is ingediend door de gemachtigde van de betrokkene. Tot de stukken behoren twee brieven van het arrondissementsparket te Utrecht van 13 december 1999 en 25 januari 2000, waarbij de betrokkene is gewezen op diens verplichting om zekerheid te stellen. Beide brieven zijn geadresseerd aan de betrokkene. Nu niet blijkt dat voormelde brieven overeenkomstig het bepaalde in art. 6:17 Awb ook aan diens gemachtigde zijn gezonden, kan de bestreden beslissing niet in stand blijven.

3.3. De bestreden beslissing kan overigens ook niet in stand blijven, omdat deze niet in de Nederlandse doch in de Duitse taal gesteld is.

3.4. Na terugwijzing van de zaak dient de kantonrechter een nieuwe termijn te bepalen waarbinnen de betrokkene alsnog zekerheid als bedoeld in art. 11 WAHV kan stellen en daarvan moet in ieder geval aan de gemachtigde van de betrokkene mededeling worden gedaan.

4. De beslissing

Het gerechtshof:

vernietigt de bestreden beslissing en wijst de zaak terug naar het kantongerecht te Utrecht ter behandeling en beslissing met inachtneming van dit arrest.

Dit arrest is gewezen door mr Dijkstra, vice-president, in tegenwoordigheid van mr Wijma, als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 12 juli 2000.

Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen

Tekst: Rechtspraak.nl (gepseudonimiseerd). Links naar wetsartikelen en uitspraken zijn toegevoegd door wetboek.org. Origineel op uitspraken.rechtspraak.nl »