ECLI:NL:GHDHA:2026:1889
Inhoudsindicatie
Voorlopige aanslag zuiveringsheffing. Bewijslastverdeling. Aansluiting leegstaande bedrijfsruimte op het riool en het waternet. Op de zaak betrekking hebbende stukken. Vergoeding van immateriële schade.
Bovenstaande samenvatting komt van Rechtspraak.nl. Voor de volledige tekst van de uitspraak: uitspraken.rechtspraak.nl »
Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald
- Art. 6:5 Awb Algemene Wet Bestuursrecht
- Art. 6:6 Awb Algemene Wet Bestuursrecht
- Art. 8:75 Awb Algemene Wet Bestuursrecht
Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen
- ECLI:NL:HR:2026:1246 — 17-07-2026 Hoge Raad Bestuursrecht
Belasting van personenauto’s en motorrijwielen; procesrecht; Wet herwaardering proceskostenvergoeding WOZ en bpm; eindarrest na HR 17 april 2026, ECLI:NL:HR:2026:677 - ECLI:NL:RBMNE:2026:4336 — 13-07-2026 Rb. Midden-Nederland Bestuursrecht
Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond.… - ECLI:NL:RBMNE:2026:4349 — 13-07-2026 Rb. Midden-Nederland Bestuursrecht
Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond.… - ECLI:NL:RBMNE:2026:4330 — 13-07-2026 Rb. Midden-Nederland Bestuursrecht
Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond.… - ECLI:NL:RBMNE:2026:4343 — 13-07-2026 Rb. Midden-Nederland Bestuursrecht
Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond.…