ECLI:NL:GHARL:2025:6370
Inhoudsindicatie
Incidenten tot schorsing van de tenuitvoerlegging (351 Rv) en tot inzage (843a Rv-oud). Het hof overweegt dat de verplichting van partijen tegenover elkaar om te waken tegen onredelijke vertraging van de procedure (art. 20 lid 2 Rv) en de eisen van een goede procesorde…
Bovenstaande samenvatting komt van Rechtspraak.nl. Voor de volledige tekst van de uitspraak: uitspraken.rechtspraak.nl »
Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald
- Art. 20 Rv Burgelijke Rechtsvordering
- Art. 209 Rv Burgelijke Rechtsvordering
- Art. 351 Rv Burgelijke Rechtsvordering
- Art. 353 Rv Burgelijke Rechtsvordering
- Art. 843a Rv Burgelijke Rechtsvordering
Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen
- ECLI:NL:GHARL:2016:1603 — 01-03-2016 Hof Arnhem-Leeuwarden Civiel recht
Erfrecht. Geschil van twee zussen over de afwikkeling van de nalatenschap van hun ouders. Is het laatste testament van de vader van partijen, dat hij heeft gemaakt bij notariële akte, een vervalsing? Dwingend bewijs notariële akte, behoudens tegenbewijs. - ECLI:NL:GHARL:2025:4381 — 15-07-2025 Hof Arnhem-Leeuwarden Civiel recht
Incidentele vorderingen. Afwijzing schorsing uitvoerbaarheid (artikel 351 Rv) en zekerheidsstelling (artikel 235 Rv). Belang ontbreekt nu de uitvoerbaarheid al is geschorst door de voorzieningenrechter. De beslissingen in verband met de over en weer ingestelde incidentele… - ECLI:NL:GHSHE:2023:3088 — 26-09-2023 Hof 's-Hertogenbosch Civiel recht
Personen- en familierecht; afwikkeling huwelijksgemeenschap; opbrengsten caravanstalling, art. 843a Rv. - ECLI:NL:GHAMS:2019:3546 — 24-09-2019 Hof Amsterdam Civiel recht
Vervolg van verstekarrest 18 december 2018. Incidentele vordering op de voet van art. 843a Rv toegewezen. Incidentele vordering tot schorsing van verstekarrest, resp. tot zekerheidstelling, afgewezen. - ECLI:NL:GHLEE:2012:BV6715 — 16-02-2012 Hof Leeuwarden Civiel recht
Conservatoir zeebeslag. Toepasselijkheid Beslagverdrag. Zeerechtelijke vordering. I.c. geen beslag mogelijk op schip dat eigendom is van een ander dan de debiteur van de vordering in de hoofdzaak.