ECLI:NL:GHAMS:2026:1855

Datum uitspraak
10-06-2026
Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Rechtsgebied
Strafrecht
Zaaknummer
23-000041-26
Type
Uitspraak

Inhoudsindicatie

416 lid 2 Sv

Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald

Uitspraak

afdeling strafrecht

parketnummer: 23-000041-26

datum uitspraak: 10 juni 2026

TEGENSPRAAK (na aanhouding niet verschenen)

Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 23 december 2025 in de strafzaak onder parketnummer

13-337719-25 tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] ( [geboorteland] ) op [geboortedag] 2005,

adres: [adres] .

Onderzoek ter terechtzitting

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van

10 juni 2026.

De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, strekkend tot niet-ontvankelijkverklaring van de verdachte in het hoger beroep op grond van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering (Sv).

Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep

Bij akte van 5 juni 2026 heeft de verdachte te kennen doen geven het door hem ingestelde hoger beroep te willen intrekken. Intrekking van het hoger beroep is evenwel niet meer mogelijk, nu het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep reeds op een eerdere terechtzitting – te weten op 17 februari 2026 – is aangevangen. Het hof leidt uit de akte echter af dat de verdachte zijn oorspronkelijke bezwaren tegen het vonnis niet langer wenst te handhaven. Nu het hof ook overigens niet is gebleken van enig rechtens te respecteren belang dat is gediend met enig onderzoek van de zaak, zal de verdachte niet-ontvankelijk worden verklaard in het ingestelde hoger beroep, op de voet van het bepaalde in artikel 416, tweede lid, Sv.

BESLISSING

Het hof:

Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.

Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. H.A. Stalenhoef, mr. M.J.A. Plaisier en mr. D. Greven, in tegenwoordigheid van

mr. S. Bonset, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van

10 juni 2026.

Mr. Greven is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.

Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen

Tekst: Rechtspraak.nl (gepseudonimiseerd). Links naar wetsartikelen en uitspraken zijn toegevoegd door wetboek.org. Origineel op uitspraken.rechtspraak.nl »