afdeling strafrecht
parketnummer: 23-000691-21
datum uitspraak: 31 maart 2023
VERSTEK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Holland (locatie Haarlem) van 4 maart 2021 in de gevoegde strafzaken onder de parketnummers 15-215703-20 (zaak A) en 15-191163-20 (zaak B), alsmede 13-075313-18 (TUL) en
13-684351-18 (TUL) tegen
[verdachte01] ,
geboren te [geboorteplaats01] op [geboortedatum01] 2000,
adres: [adres01] .
Onderzoek ter terechtzitting
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 31 maart 2023.
Namens de verdachte is hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, strekkende tot de niet-ontvankelijkverklaring van de verdachte in het hoger beroep.
Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep
Uit een ‘akte intrekking hoger beroep’ van 28 maart 2023 blijkt dat de verdachte het hoger beroep heeft willen intrekken. Bij het door de raadsman van de verdachte aan het hof gestuurde e-mailbericht van diezelfde datum is namens de verdachte te kennen gegeven dat hij het hoger beroep niet wil handhaven. Het hof stelt dan ook vast dat de verdachte niet langer bezwaren heeft tegen het vonnis waartegen hij beroep had ingesteld. Ook voor het overige is niet gebleken van enig rechtens te respecteren belang dat is gediend met enig nader onderzoek van de zaak. De verdachte zal onder deze omstandigheden, gelet op het bepaalde in artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, niet-ontvankelijk worden verklaard in het ingestelde hoger beroep.
BESLISSING
Het hof:
Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. V.M.A. Sinnige, mr. R.P. den Otter en mr. E. van Die, in tegenwoordigheid van mr. M.E. de Waard, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 31 maart 2023.
De griffier is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.