Uitspraken over Artikel 335 Wetboek van Strafvordering
Art. 335 Sv is sinds 1999 in 19 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hoge Raad, Rb. Rotterdam en Rb. Den Haag.
Pagina 1 van 1 — 19 uitspraken in totaal, gesorteerd op gezagsvolgorde (Hoge Raad → Hof → Rechtbank)
- ECLI:NL:HR:2021:932 — 15-06-2021 Hoge Raad Strafrecht
Poging tot doodslag (art. 287 Sr) en vernieling (art. 350.1 Sr). 1. Herstelbeslissing hof. Aanvulling op arrest waarin alsnog beslissing wordt genomen op vordering benadeelde partij en schadevergoedingsmaatregel wordt opgelegd. 2. Verzuim hof in arrest te beslissen op vordering… - ECLI:NL:HR:2019:793 — 28-05-2019 Hoge Raad Strafrecht
Overzichtsarrest vordering benadeelde partij, art. 51f.1, 361.2.b en 592a Sv, art. 36f Sr en art. 6:96 en 6:106 BW. Medeplegen hennepteelt in door verdachte gehuurde woning (art. 3.B Opiumwet), medeplegen diefstal elektriciteit d.m.v. verbreking in die woning (art. 311.1 Sr) en… - ECLI:NL:HR:2018:540 — 10-04-2018 Hoge Raad Strafrecht
Medeplegen diefstal (meermalen gepleegd) door samen met toenmalige partner speelgoed weg te nemen uit winkel. 1. Aantekening mondeling arrest enkelvoudige kamer Hof bevat geen strafmotivering, art. 425.3 Sv jo. 3.j Regeling aantekening mondeling vonnis. 2. Ambtshalve: Geen… - ECLI:NL:HR:2017:653 — 11-04-2017 Hoge Raad Strafrecht
Vordering b.p. Kosten rechtsbijstand. Liquidatietarief. HR herhaalt uit ECLI:NL:HR:1999:ZD1533 en ECLI:NL:HR:2000:ZD1786 dat rechtsbijstandskosten geen rechtstreekse schade zijn a.b.i. art. 51f.1 Sv en daarom niet als onderdeel van de schade in de zin van art. 51f Sv kunnen… - ECLI:NL:HR:2013:1567 — 03-12-2013 Hoge Raad Strafrecht
HR: art. 81.1 RO en overschrijding van de redelijke termijn in cassatie. HR ambtshalve: de bestreden uitspraak bevat geen beslissing op de vorderingen van de b.p. Ingevolge de art. 335 en 361.4 jo. 415 Sv was het Hof gehouden omtrent de vorderingen van de b.p. een met redenen… - ECLI:NL:HR:2012:BW6662 — 29-05-2012 Hoge Raad Strafrecht
Jeugdzaak. Strafkorting wegens schending redelijke termijn. HR ambtshalve: het Hof heeft verzuimd, hoewel daartoe o.g.v. art. 335 en 361.4 jo. 415 Sv gehouden, omtrent de vordering van de b.p. een met redenen omklede beslissing te nemen. HR wijst de zaak op dit punt terug. - ECLI:NL:HR:2011:BQ3901 — 14-06-2011 Hoge Raad Strafrecht
HR: 81 RO. HR ambtshalve: het Hof was, nu de vordering b.p. in e.a. is toegewezen, ingevolge de artt. 335 en 361.4 jo. 415 Sv gehouden omtrent de vordering van de b.p. een met redenen omklede beslissing te nemen. HR vernietigt in zoverre de bestreden uitspraak en wijst de zaak… - ECLI:NL:HR:2010:BM9405 — 23-11-2010 Hoge Raad Strafrecht
Benadeelde partij. Art. 592a Sv. Het Hof heeft de b.p. n.o. verklaard in haar vordering en bepaald dat de b.p. haar vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen. HR: Een dergelijke n.o.- verklaring brengt niet z.m. mee dat de b.p. zelf de kosten moet dragen. Als… - ECLI:NL:HR:2009:BJ6785 — 13-10-2009 Hoge Raad Strafrecht
I.s.m. de artt. 335 en 361.4 Sv jo. 415 Sv geen beslissing genomen op vordering benadeelde partij X. HR verklaart de benadeelde partij alsnog niet-ontvankelijk in haar vordering nu uit de aan de Hoge Raad gezonden stukken blijkt dat op vordering van de ovj de tll is gewijzigd in… - ECLI:NL:HR:2006:AY7397 — 10-10-2006 Hoge Raad Strafrecht
1. Ontbreken beslissing op vorderingen benadeelde partijen. 2. Maximum vervangende hechtenis. Ad 1. Hof besliste niet op vorderingen benadeelde partijen maar legde wel maatregelen ex art. 36f op. Vooropgesteld moet worden dat de rechter ex art. 335 en 361 Sv gehouden is… - ECLI:NL:HR:2003:AF9541 — 08-07-2003 Hoge Raad Strafrecht
8 juli 2003 Strafkamer nr. 01355/02 SG/SM Hoge Raad der Nederlanden Arrest op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Amsterdam van 21 december 2001, nummer 23/000747-01, in de strafzaak tegen: [verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum]… - ECLI:NL:HR:1999:AA3795 — 16-11-1999 Hoge Raad Strafrecht
- - ECLI:NL:HR:1999:ZD1408 — 12-01-1999 Hoge Raad Strafrecht
De rechter mag de beslissing over de vordering van de benadeelde partij niet achterwege laten als het belang van de benadeelde partij naar zijn oordeel is gediend met oplegging van een schadevergoedingsmaatregel. De rechter dient dan zowel de vordering toe te wijzen als de… - ECLI:NL:RBMNE:2025:340 — 11-02-2025 Rb. Midden-Nederland Strafrecht
Jeugd. Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan meerdere geweldsdelicten. De rechtbank veroordeelt verdachte tot een jeugddetentie met aftrek van het voorarrest, de leerstraf So Cool en een voorwaardelijke werkstraf van 120 uren. - ECLI:NL:RBOBR:2024:1735 — 24-04-2024 Rb. Oost-Brabant Civiel recht
Handelszaak, letselschade. De rechtbank oordeelt dat eiser – slachtoffer van een mishandeling – in deze civiele procedure niet alleen vergoeding kan vorderen van het deel van zijn vordering benadeelde partij waarin hij niet-ontvankelijk is verklaard door de strafrechter. Eiser… - ECLI:NL:RBNNE:2021:1035 — 31-03-2021 Rb. Noord-Nederland Civiel recht
- Verdachte van mishandeling is door de politierechter veroordeeld tot betaling van vergoeding voor materiële en immateriële schade aan het slachtoffer. - Slachtoffer vindt de toegekende vergoeding te laag en start een procedure bij de civiele rechter. - Ontvankelijkheid van de… - ECLI:NL:RBROT:2020:11745 — 18-12-2020 Rb. Rotterdam Strafrecht
Op de zitting heeft ter discussie gestaan of de verdachte betrokken is geweest bij de moord op het slachtoffer. De officier van justitie ziet de verdachte als opdrachtgever van die moord. De rechtbank vindt niet bewezen dat de verdachte de rol van opdrachtgever of uitlokker… - ECLI:NL:RBROT:2020:11744 — 18-12-2020 Rb. Rotterdam Strafrecht
Op de zitting stond de vraag centraal of het de verdachte is geweest die het slachtoffer op 17 oktober 2018 heeft geliquideerd. In dit vonnis beantwoordt de rechtbank die vraag bevestigend. Het bewijs daarvoor bestaat - onder meer - uit (directe) verbanden tussen de verdachte en… - ECLI:NL:RBDHA:2015:2143 — 26-02-2015 Rb. Den Haag Strafrecht
met iemand beneden de leeftijd van zestien jaar buiten echt ontuchtige handelingen plegen
Bron: Rechtspraak.nl. Koppelingen worden gemaakt op basis van artikelverwijzingen in de uitspraaktekst.