Uitspraken over Art. 7:363 Burgerlijk Wetboek Boek 7
Art. 7:363 BW is sinds 2008 in 29 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Arnhem-Leeuwarden, Hof Arnhem en Rb. Overijssel.
Pagina 1 van 2 — 29 uitspraken in totaal, gesorteerd op gezagsvolgorde (Hoge Raad → Hof → Rechtbank)
- ECLI:NL:GHARL:2026:4272 — 30-06-2026 Hof Arnhem-Leeuwarden Civiel recht
Art. 24 aanhef onder 1 Verordening (EU) 1215/20212, art. 3:69 BW, art. 3:171 BW; art. 3:308 BW, art. 6:265 BW, art 7:333 lid 1 BW, art. 7:363 BW. Geschil tussen erfgenamen en familieleden. Pachtovereenkomst tussen gemeenschap van erfgenamen en één erfgenaam is tot stand gekomen,… - ECLI:NL:GHARL:2026:3583 — 02-06-2026 Hof Arnhem-Leeuwarden Civiel recht
Hoger beroep van ECLI:NL:RBGEL:2024:5722. Art. 6:265 BW. Art. 7:363 BW. Pachter tekort geschoten in handelen als goed pachter, maar tekortkomingen rechtvaardigen ontbinding niet. Geen tekortkoming in nakoming verplichting persoonlijk gebruik en geen schending verbod op… - ECLI:NL:GHARL:2026:1790 — 24-03-2026 Hof Arnhem-Leeuwarden Civiel recht
3:44 lid 4 BW, 7:347 BW en 7:359 BW. Misbruik van omstandigheden bij aangaan schriftelijke reguliere pachtovereenkomst door demente verpachter. Schriftelijke pachtovereenkomst dus vernietigd. Bestaande mondelinge pachtovereenkomst die door vernietiging weer relevant is wordt… - ECLI:NL:GHARL:2025:6859 — 04-11-2025 Hof Arnhem-Leeuwarden Civiel recht
Artikel 7:347 BW en 7:370 lid 1 sub b BW. Geen sprake van (voldoende) persoonlijk gebruik door samenwerkingsverband. Aan eisen voor beëindiging voor dringend eigen gebruik is ook voldaan. - ECLI:NL:GHARL:2025:5132 — 19-08-2025 Hof Arnhem-Leeuwarden Civiel recht
118 Rv; 7:363 lid 1 BW. Pachter moet zoon waarvoor hij indeplaatsstelling heeft gevorderd oproepen om in de procedure te verschijnen. - ECLI:NL:GHARL:2024:3046 — 30-04-2024 Hof Arnhem-Leeuwarden Civiel recht
Art. 7:312 BW; artikelen 7:364 jo 7:363 lid 5 BW. Vastlegging pachtovereenkomst. Er is wel sprake van bedrijfsmatige pacht. Afwijzing vordering tot aanmerken zoon als medepachter. Onvoldoende waarborgen voor een behoorlijke bedrijfsvoering. - ECLI:NL:GHSHE:2022:1550 — 17-05-2022 Hof 's-Hertogenbosch Civiel recht
Arbitrage. Verzocht wordt om vernietiging van het arbitraal vonnis wegens strijd met openbare orde dan wel dat het scheidsgerecht heeft geoordeeld buiten de opdracht (artikel 1065 lid 1 sub c en e Rv). Het beroep op de vernietigingsgronden slaagt niet. - ECLI:NL:GHARL:2021:9317 — 05-10-2021 Hof Arnhem-Leeuwarden Civiel recht
De pachter pachtte ruim 16 hectare grond van ASR. Hij is in maart 2019 overleden en zijn erfgenamen zijn de vier appellanten. Een van hen hebben de erven aangewezen om de pachtrelatie met ASR voort te zetten. ASR heeft bezwaren en vindt ook dat het bedrijf dat deze erfgename… - ECLI:NL:GHARL:2021:5656 — 01-06-2021 Hof Arnhem-Leeuwarden Civiel recht
7:364 BW. Deze zaak gaat over de vordering van de pachter om zijn zoon als medepachter aan te merken. Het hof oordeelt dat de zoon niet voldoet aan de vereisten die gelden voor een medepachter. - ECLI:NL:GHARL:2017:9485 — 24-10-2017 Hof Arnhem-Leeuwarden Civiel recht
Ontbinding wegens niet-persoonlijk gebruik. Indeplaaststelling kleinzoon Pachter (79 jaar oud) heeft het gebruik van de gronden, zo al niet juridisch, in ieder geval feitelijk afgestaan en voldoet niet meer aan het uit artikel 7:347 BW voortvloeiende vereiste van persoonlijk… - ECLI:NL:GHARL:2017:2935 — 04-04-2017 Hof Arnhem-Leeuwarden Civiel recht
Vastlegging pachtovereenkomst, procespartijen. Mondelinge medepacht. 7:317, 7:367 BW. In conventie vorderen vermeend pachters (vader en zoon) vastlegging en in reconventie vorderen de verpachters (erfgenamen) ontbinding. Ten aanzien van een vordering tot vastlegging dienen alle… - ECLI:NL:GHARL:2016:7554 — 20-09-2016 Hof Arnhem-Leeuwarden Civiel recht
Artt. 7:363 en 7:376 BW Indeplaatsstelling en ontbinding van de pachtovereenkomst. Pachter exploiteert al vanaf 2000 geen landbouwbedrijf meer. Verpachter gedoogt voortzetting pacht. Net voor einde gedoogtermijn vordert pachter indeplaatsstelling van zijn dochter en schoonzoon,… - ECLI:NL:GHARL:2015:8441 — 10-11-2015 Hof Arnhem-Leeuwarden Civiel recht
Art. 6:248, 7:363 en 7:364 BW. Vordering tot aanwijzing van medepachter. Voor de criteria met betrekking tot een vordering strekkende tot het aanstellen van een medepachter verwijst het tweede lid van artikel 7:364 Burgerlijk Wetboek (BW) naar de regeling van de… - ECLI:NL:GHARL:2013:BY9347 — 15-01-2013 Hof Arnhem-Leeuwarden Civiel recht
7:366 lid 3/7:363 BW. Opvolging overleden pachter door oudere broer. Onvoldoende waarborgen/redelijke bezwaren van de verpachter. - ECLI:NL:GHARN:2011:BU7762 — 22-11-2011 Hof Arnhem Civiel recht
Rv 118; BW 7:363, 7:369, 7:370 7:371 Ten onrechte, want overbodig, is door de voorgestelde medepachter een incidentele vordering tot voeging ingesteld. Door zijn oproeping op de voet van art. 118 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering werd hij (reeds) partij in het geding. Als… - ECLI:NL:GHARN:2011:BQ1789 — 29-03-2011 Hof Arnhem Civiel recht
7:365, 7:366, 7:376 en 7:377 BW; 130 en 150 Rv Pluraliteit en processuele ondeelbaarheid. Pacht en bedrijfsmatig gebruik. Bewijslast. Medewerking verpachter aan verdeling. Acht medepachters, waarvan er vier niet in hoger beroep zijn verschenen. De verpachtster kan in haar… - ECLI:NL:GHARN:2010:BQ1395 — 28-12-2010 Hof Arnhem Civiel recht
Vervolg van LJN BK4249. Artt. 7:363 BW en 236 lid 1 Rv. Vorderingen tot medepacht. Overgangsrecht. Gezag van gewijsde van uitspraak pachtkamer eerste aanleg, ook indien de overwegingen strijdig zijn met nadien gewezen rechtspraak van het pachthof. In eerste aanleg heeft de… - ECLI:NL:GHARN:2010:BO3625 — 09-11-2010 Hof Arnhem Civiel recht
BW 7:364; Rv 118 Inzet van het geding is onder meer de vordering van van de pachter zijn zoon als medepachter als bedoeld in artikel 7:364 BW aan te merken. Volgens het eerste lid van art. 7:364 BW is het de (zittende) pachter die kan vorderen zijn echtgenoot of geregistreerde… - ECLI:NL:GHARN:2010:BM2122 — 23-03-2010 Hof Arnhem Civiel recht
7:225, 7:363, 7:370 en 7:371 BW; 217 en 218 Rv; 45 Pachtwet (oud) Dat alleen de pachter indeplaatsstelling kan vorderen, sluit niet uit dat de voorgestelde pachter, vanwege zijn belang bij toewijzing van de vordering, zich aan de zijde van de pachter voegt en een doelmatige… - ECLI:NL:GHARN:2009:BJ7354 — 24-02-2009 Hof Arnhem Civiel recht
BW art. 7:311, 7:312, 7:317, 7:363; Ow nieuw BW art. 68a lid 1; art. II lid 1 Wet van 12 oktober 1995, Stb. 504 “Schriftelijke vastlegging van (wijziging) pachtovereenkomst. Indeplaatsstelling. Overgangsrecht. Verweer tegen vastleggingsvordering dat het beoogde en feitelijke… - ECLI:NL:GHARN:2008:BG4561 — 16-09-2008 Hof Arnhem Civiel recht
Schriftelijke vastlegging pachtovereenkomst. Omvang en ontsluiting van het gepachte. Indeplaatsstelling. Pachter slaagt niet in bewijs dat met verpachter toevoeging van bepaald perceel aan het gepachte is overeengekomen. Aanbod pachter tot leveren aanvullend bewijs wordt… - ECLI:NL:RBOBR:2025:8178 — 04-12-2025 Rb. Oost-Brabant Civiel recht
Pachtzaak. Eindvonnis. De pachtovereenkomst wordt ontbonden, omdat al lange tijd geen sprake meer is van persoonlijk gebruik door pachter. De tegenvordering tot indeplaatsstelling is niet meer aan de orde. Vervolg op: ECLI:NL:RBOBR:2025:513 (incident tot voeging). - ECLI:NL:RBNNE:2025:5918 — 04-03-2025 Rb. Noord-Nederland Civiel recht
Deze uitspraak is niet samengevat voor publicatie. - ECLI:NL:RBOBR:2025:513 — 30-01-2025 Rb. Oost-Brabant Civiel recht
Pachtzaak. Vonnis in het incident. De verzochte voeging (217 Rv) wordt toegewezen, omdat er een duidelijk belang is gelet op de bij wijze van tegeneis in de hoofdzaak gevraagde indeplaatsstelling (artikel 7:363 BW). Eindvonnis zie: ECLI:NL:RBOBR:2025:8178. - ECLI:NL:RBGEL:2024:9892 — 29-05-2024 Rb. Gelderland Civiel recht
Incident tot voeging/tussenkomst en verwijzing naar de pachtkamer van deze rechtbank. Vordering tot voeging/tussenkomst afgewezen. De rechtbank kan namelijk niet vaststellen dat eiser in dit incident er belang bij heeft om te voegen of tussen te komen. Vordering tot verwijzing…
Bron: Rechtspraak.nl. Koppelingen worden gemaakt op basis van artikelverwijzingen in de uitspraaktekst.